A Programmer's Chronicles 6
Filmmaker Ho Yuhang tijdens een futsal-wedstrijddoor Gertjan Zuilhof
In de geest van deze tijd bevat dit stukje wat knip- en plakwerk uit een eerder stuk dat ik schreef ten behoeve van interne festivaldiscussie. Een discussie over hoe je op een concrete manier als festival antwoord zou kunnen geven op de totale beeldversplintering die ons te wachten staat.
Je hoeft geen futuroloog of helderziende te zijn om te kunnen zien aankomen dat het fenomeen filmvertoning in een theatrale omgeving ingrijpend zal veranderen. Omdat het al aan het veranderen is. En iedereen doet er aan mee. Ook festivals. Ook filmtijdschriften. Ze verkopen films op dvd en bieden ze streaming aan op internet. Analoog aan de muziekindustrie zal dit fenomeen zich vergroten en versnellen. Nog niet lang geleden was het illegaal downloaden van muziek iets voor 'nerd'-ige middelbare scholieren. Nu kan iedere postbode zijn i-pod (legaal) opladen. Met films zal dat niet anders gaan.
Stel een nieuwe film van Wong Kar-wai gaat in mei in Cannes in première. In dezelfde maand zal hij dan via de FNAC te downloaden zijn of kun je hem via een bon in de Volkskrant bestellen bij een proefabonnement. Tegen de tijd dat het weer januari is heeft het festivalpubliek de film dan gezien. Ze hebben nog steeds belangstelling voor Wong Kar-wei, willen hem misschien hem misschien wel eens in het echt zien, maar de film hoeft het festival niet meer te vertonen.
Over het verdere verloop van dit soort ontwikkelingen kun je slechts speculeren en dat wilde ik in een (niet)programma op een speelse en wat provocatieve manier doen. De gedachteoefening zal zijn: wat doe je als het afgelopen is met het vertonen van films in een zaal (er is een tijd geweest dat je in een zaal naar een grammofoonplaat kon luisteren, maar dat kunnen we ons in de mp3-tijd niet meer voorstellen). Je kunt dit (weer) in de vorm van wat-is-cinema-achtige debatten met panels gieten, maar het kan ook concreter, ludieker en misschien ook praktischer door het festival van de toekomst gewoon alvast uit te vinden.
In de tweede aflevering van A Programmer's Chronicles van schreef ik over de filmmakers dvd-winkel naar Aziatisch piratenmodel en in de vierde column uit de reeks over de openstelling voor het publiek van het domein van professionals bij uitstek: de filmfestivalvideotheek. Hieronder volgt het voorlopig leukste idee en in de komende afleveringen zullen er nog enkelen volgen.
Simpel gezegd loopt een festival op twee benen. Eén is de vertoning in een zaal van een film. Twee is het samenbrengen van mensen die films maken of van films houden. In het festival van de toekomst gaat het er dus om wat je met dat samenbrengen van mensen doet als vertoningen niet meer relevant zijn. De historische Nouvelle Vague ontstond uit een groepje jonge Parijse filmmakers en critici die elkaar 's avonds ontmoette bij de vertoningen van de Cinematheque. Zo konden ze gezamenlijk spreken over gezamenlijk geziene films. Dat kon ook moeilijk anders in het pre-vhs en pre-dvd tijdperk. Als jonge filmmakers elkaar nu ontmoeten wisselen ze dvd's en download-sites uit. Ze spreken nog steeds over film, maar ze gaan niet meer naar de Cinematheque. En dan zijn er natuurlijk ook de landen, als pakweg de Filippijnen, waar geen Cinematheque is, maar wel weer een overmaat aan (piraten)dvd's.
Filmmakers ontmoeten elkaar dus op een andere manier. Zo ken ik filmmakers die ieder vrijdag met elkaar
futsal spelen. Futsal is de serieuze en internationale variant van zaalvoetbal en het woord is een samentrekking van Portugees/Spaanse uitdrukkingen als
Futbol de Sala. Aldus Wikipedia. Na de wedstrijd of beter het spel eten ze wat en terloops spreken ze over film, wisselen dvd's uit en bekijken gezamenlijk een dvd of elkaars werk in wording. De ontmoeting is belangrijker dan de vertoning en het gesprek over film komt vanzelf en terloops. Veel gezonder ook dan het eindeloos in het donker zitten of in rokerige kroegen hangen van eerdere generaties filmmakers.
Zo zou ik graag, ter prikkeling van de gedachten, een kleine futsal-competitie organiseren. Met teams van filmmakers of ook distributeurs, producenten, critici etc. Middenin het festival. In een festivallocatie. De Grote Zaal van de Rotterdamse Schouwburg lijkt mij wel geschikt. Nu heeft futsal niets met films te maken, maar disco, borrels, diners en businessclubs hebben dat strikt genomen ook niet.
Op de bijgaande foto is de Maleise onafhankelijke filmmaker
Ho Yuhang in actie te zien. Ho was in 2005 Tijger-kandidaat met zijn
Sanctuary en via Venetië zal hij in Rotterdam terug komen met zijn nieuwste film
Rain Dogs. En hij zal het Maleise futsal-team aanvoeren. Het Maleise veldvoetbal stelt niets voor en is zelfs tot nationaal politiek probleem verklaard, maar wie het tegen het geoefende en gemotiveerde team van Maleise filmmakers-futsal-spelers denkt te kunnen opnemen, kan zich bij mij aanmelden.