A Programmer's Chronicles 2



DVD-shop in Quiapo Manila (Filipijnen)


door Gertjan Zuilhof

Ik zocht voor dit stukje naar een plaatje van een illegale dvd winkel. Piraten dvd's dus. Ik had de foto in mijn hoofd en dat is altijd een nadeel als je zoekt. Ik kwam wel sprekende beelden tegen, bijvoorbeeld van een Hongaarse vlakte met stukgewalste dvd's met de walsmachines nog druk aan het werk. Of de foto van een dvd verkoper op een straathoek in Peking die een onooglijk klein bakje met waren op een krukje had gezet. Dat was ongeveer het tegenovergestelde van wat ik in mijn hoofd had.

In Bangkok, Kuala Lumpur, Jakarta en vooral in Manila had ik piraten dvd winkels gezien die groter waren en meer keus hadden dan de legale winkels in Amsterdam of New York. En daar ging het mij om. Een publiek dat rustig zoekend een keus maakt uit een onafzienbare hoeveelheid. Het nieuwe model van cinefilie. De leerschool van jonge Aziatische cineasten.

Kennelijk laten de dvd-piraten zich niet graag fotograferen al wordt hun handel in een land als de Filippijnen gedoogd als bij ons de verkoop van wiet. Ik schreef een e-mail aan de jonge Filippijnse filmmaakster Janus Victoria. Samen met de dochter van de directeur van het Cinemanila filmfestival had ze me eens rondgeleid door Quiapo, een beroemde en beruchte wijk rond de ruïne van een kathedraal in Manila waar een onvoorstelbare en chaotische hoeveelheid piratenwinkels is te vinden.

Janus had geen foto in voorraad, maar de volgende ochtend (leve het tijdsverschil) stuurde ze me een foto die ze speciaal had gemaakt. Niet geheel vrij van risico. De wijk was net een week daarvoor overvallen door de politie. Bij ons wordt tenslotte ook wel eens een hennepplantage van een zolder gehaald. De handelaren waren nerveus en wantrouwend. Ze heeft gezocht naar een verkoper waar een praatje mee te maken viel en liet zich door hem fotograferen. En vervolgens maakte ze de bijgaande foto, waar natuurlijk weinig spannends aan te zien is.

Dikke dvd-boxen liggen uitgestald op schattige keukentafelkleedjes. Maar stel je voor dat in de snel duister wordende achtergrond nog tientallen winkeltjes zijn gevestigd en dat dit straat na straat zo doorgaat. Veel van dezelfde gloednieuwe mainstream, maar ook dozen met Aziatische en Amerikaanse klassiekers. Voor toeristen zijn de prijzen onvoorstelbaar laag (nog geen euro per dvd), maar ook Filippijnse liefhebbers leggen grote verzamelingen aan. Bij mijn eerste bezoeken aan Azië was ik nog verbaasd over de cinefiele-eruditie van vooral jonge filmmakers, maar inmiddels heb ik meer besef van de enorme circulatie aan films op dvd (of vcd, de goedkopere variant zonder extra’s) in deze regio.

De piraten-dvd-winkel zou wel eens het model kunnen zijn voor de cinefilie van de nabije toekomst. Ook onze toekomst. En misschien is het niet eens een pessimistisch beeld. Ik heb met de gedachte gespeeld om een complete en functionerende piratenwinkel op het festival in te richten. Maar de Stichting BREIN (Stichting Bescherming Rechten EntertainmentIndustrie Nederland) zal daar wel de humor niet van inzien.

Je hoeft geen futuroloog of helderziende te zijn om te kunnen zien aankomen dat het fenomeen filmvertoning in een theatrale omgeving ingrijpend zal veranderen. Omdat het al aan het veranderen is. En we doen er zelf aan mee. Het International Film Festival Rotterdam verkoopt films op dvd (Tiger Releases) en biedt ze streaming aan Tigeronline.nl.

Analoog aan de cd/muziek-industrie zal dit fenomeen zich vergroten en versnellen. Nog niet lang geleden was het illegaal downloaden van muziek iets voor nerdige middelbare scholieren. Nu kan iedere postbode zijn i-pod (legaal)opladen. Met films zal dat niet anders gaan.

Stel een nieuwe Wong Kar-wai gaat in mei in Cannes in première. In dezelfde maand zal hij dan via de FNAC te downloaden zijn of kan je hem via een bon in de Volkskrant bestellen bij een proefabonnement. Tegen de tijd dat het januari is heeft ons festivalpubliek de film dan gezien. Ze hebben nog steeds belangstelling voor Wong Kar-wai, willen hem misschien wel eens in het echt zien, maar de film hoeven we niet meer te vertonen.

Over het verdere verloop van dit soort ontwikkelingen kun je slechts speculeren en dat zou ik op een speelse en wat provocatieve manier willen doen. De gedachteoefening zal zijn: wat doe je als het afgelopen is met het vertonen van films in een zaal (er is een tijd geweest dat je in een zaal naar een grammofoonplaat kon luisteren, maar dat kunnen we ons in de mp3-tijd niet meer voorstellen). Je kunt dit (weer) in de vorm van wat-is-cinema-achtige debatten gieten, maar ik stel voor om het een keer concreter, ludieker en misschien ook praktischer te doen. Door het festival van de toekomst gewoon alvast uit te vinden.
Simpel gezegd loopt een festival op twee benen. Eén is de vertoning in een zaal van een film. Twee is het samenbrengen van mensen die films maken of van films houden. In het festival van de toekomst gaat het er dus om wat je met dat samenbrengen van mensen doet als vertoningen niet meer relevant zijn.

Met name kleine zelfstandige producenten en filmmakers die zelf hun films produceren en distribueren hebben behoefte aan een mogelijkheid om de dvd's van hun eerdere, maar ook vaak van hun nieuwe, films te koop aan te bieden. Verschillende filmmakers hebben het dit jaar via de festivalkanalen geprobeerd, maar een merchandisingwinkel met festival-shirts is daar minder geschikt voor. We zouden onze filmmakers met een eigen ‘piratenwinkel’ kunnen helpen en volgens mij is het voor het publiek ook leuk. Bijzondere en moeilijk verkrijgbare films zou je zo in een winkel kunnen uitstallen voor het potentieel meest geïnteresseerde publiek dat denkbaar is.

Ik geef één voorbeeld. Miklós Ács, geheel onterecht vergeten avant-garde filmer uit Hongarije verkocht bij de vertoningen van zijn bijna onvindbare cult-film Sön és Grósz (Nice and Big, 1988) niet alleen de dvd van deze film, maar ook de dvd van zijn nieuwste film Shocking die pas over een paar maanden op een Hongaars festival in première gaat. Toen ik hem vroeg of dat geen premièreprobleem zou opleveren zei hij dat hij het belangrijker vond dat mensen de kans kregen om zijn werk te zien. Voilà. Het festival van de toekomst.