Weblog Homefront USA 11, maart 2004


door Gertjan Zuilhof

Ik kom nog even terug op de eigenwijze documentaire This Ain't no Heartland van Andreas Horvath. Horvath maakte tijdens de oorlog in Irak een portret van een landelijk plaatsje in Iowa. De van alles verlaten (maar juist niet van God verlaten) Midwest. De Achterhoek van Amerika. Horvath is tevens fotograaf en zijn videobeelden zijn sterk en intrigerend.

Horvath hangt rond in zo'n typisch 'Our Town' en registreert bijna achteloos de meest rabiate en onthutsende uitspraken. Nee, het is geen wonder dat Irak (met het schenden van alle denkbare internationale wetten en verdragen) wordt veroverd, het is eerder een wonder dat het bij Irak blijft. Op zijn minst had Frankrijk toch een atoombom verdient. Is dit om te lachen? Horvath vindt van niet. Hij blijft stug kijken en luisteren en schikte zijn beelden en geluidsbanden in een coherente collage.

In Rotterdam waren vooral Amerikanen nieuwsgierig naar de film. Ze keken wantrouwig en voelden zich zeer aangesproken. Een enkeling voelde zich zelfs zwaar beledigd. Bijvoorbeeld Laura Singer van het progressieve en eeuwig hippe 'The Village Voice'. In plaats van gewone plattelanders ziet zij in Horvathville vornamelijk halve zotten en kroegtijgers ('barflies' klinkt toch beter). In Rotterdam stelde ze een vraag vanuit het publiek over het waarom van het gebruik van een fanatieke radiopreek op de geluidsband. Horvath zei slechts: 'Well, it's scary, isn't it?'. Voor haar een voorbode van de reacties die Amerikanen in de toekomst buiten Amerika te wachten staan. Dat Horvath misschien ook wel een trouw lezer van 'The Village Voice' is, kwam toen al niet meer bij haar op.

De reactie op This Ain't no Heartland raakt volgens mij aan de Dogville discussie. Toen Amerikaanse critici in Cannes te hoop liepen om Lars Von Trier te lynchen (zie Skrien no.6, 2003 of Homefront USA-weblog no. 3) werd de woede vooral gevoed door het feit dat een buitenstaander (een buitenlander die er bovendien mee koketteerde nooit in Amerika te zijn geweest) de euvele moed had om de vermeende edele moraal van de Amerikaanse bevolking en samenleving in twijfel te trekken. Precies wat Horvath doet. Hij laat een simpele werkloze landarbeider voor zijn camera leeglopen en laat de kijker toch de vraag stellen hoeveel haatdragende kankeraars dit immense land nog meer herbergt.

Maar misschien moeten sommige gevoelige beelden en uitspraken eerst even bezinken. Het lijkt er op dat de ergste Dogville woede is bekoeld. De film wordt nu in de grote Amerikaanse steden uitgebracht (zeker niet in het Barflyville van Horvath) en er verschijnen nieuwe recensies. Met een andere toon. Soms zeer anders. Jim Hoberman schreef in hetzelfde 'The Village Voice' een moedig stuk waarin hij het impliciet (want hij maakt er geen woorden aan vuil) opneemt tegen de Amerikaanse Cannes-meute. Listig plaats hij Von Triers aanval op hebzucht en hypocrisie in een zeer eerbiedwaardige Amerikaanse literaire traditie waarin onaantastbare grootheden als Nathaniel Howthorne en Mark Twain de voorgangsters van de tragische Grace (Nicole Kidman) beschreven. Hoberman noemt de film nu onomwonden een meesterwerk (en sluit niet uit dat de film aan het eind van het jaar bovenaan zijn prestigieuze top tien zal prijken).

Hoberman zegt het niet (en denkt het misschien ook niet), maar het gewicht van Dogville wordt alleen maar groter zolang er geen Amerikaanse filmmaker van het kaliber Von Trier opstaat om het huidige Amerikaanse klimaat (want daar gaat Dogville ondanks zijn periodesetting natuurlijk wel degelijk over) in een groots en ambitieus verhaal te vatten.

Toevallig zag ik onlangs The Manchurian Candidate (1962, John Frankenheimer met Frank Sinatra) weer eens. Een intrigerende, dwaze, vernuftige en ideëenrijke film die toch maar in de koude oorlog over de koude oorlog is gemaakt. Ik heb het een jaar lang voor het Homefrontprogramma op de voet gevolgd, maar er is geen recente Amerikaanse film gemaakt die zelf maar in de buurt van The Manchurian Candidate kan komen. En ook daarom waren veel Amerikaanse critici zo boos op Von Trier. Want bij hem heeft het meeslepende statement over Amerika wel een andere en overtuigende vorm.

En als om dit te onderstrepen kondigt Jonathan Demme (ja, van Silence of the Lambs, maar ook van de visionaire Haïti documentaire The Agronomist) aan dat hij een remake van The Manchurian Candidate gaat maken. De nasleep van de Korea-oorlog wordt dan verplaatst naar de Golfoorlog. Ik ben benieuwd, maar toch ben ik meer benieuwd naar Manderlay (het vervolg op Dogville zonder Nicole Kidman).

Maar ik ben naar nog meer dingen benieuwd. Bijvoorbeeld waarom er zoveel gewaagde en oorspronkelijke films in Thailand worden gemaakt. De modernste veelfilmer uit Maleisië komt. En Indonesië een lawine aan onafhankelijke korte films produceert. Ga ik daar eens een tijdje naar kijken. Voorlopig onder de noemer South East Asian Eyes. S.E.A. Eyes. Ja, ik ben echt benieuwd.