Weblog S.E.A. Eyes, februari 2005


RIAU van Zai Kuning (Singapore/Indonesia, 2005)

foto: still uit Riau van Zai Kuning (Singapore, 2005)



door Gertjan Zuilhof

Dat Zai Kuning zelf niet naar Rotterdam zou komen was een teleurstelling waar je mee moet kunnen leven. Ik had de geheimzinnige en veelzijdige kunstenaar uit Singapore graag eens ontmoet. Maar van iemand die consequent nooit e-mails beantwoordt kun je moeilijk verwachten dat hij ineens voor je neus staat. En als zelfs zijn naaste vrienden niet weten of hij in Singapore, Thailand of Indonesië is kun je ook moeilijk een ticket voor hem regelen.

Onverdraaglijker was dat zijn films weliswaar na veel kunst en vliegwerk keurig in de catalogus konden worden vermeld, maar dat de vertoningbanden zelf het festival nooit hebben gehaald. Van zijn laatste korte speelfilm Birdy raakte zelfs de zichtvideo spoorloos zodat ook een vertoning vanaf vhs (cinefiel onverantwoord laatste redmiddel) niet meer kon worden overwogen. Nee, er rustte geen zegen op mijn introductie van Zai Kuning aan deze kant van de wereld.


Meester Zai is niet in de eerste plaats filmmaker. Hij komt voort uit het moderne theater en de geïmproviseerde muziek. Jazz. Performance. En dat op een vrij radicale manier denk ik, maar zeker weten doe ik het niet, want in levende lijve heb ik Zai dus nooit gezien.

Birdy heb ik niet meer kunnen terugzien, maar bevat wellicht een sleutel tot zijn werk als kunstenaar. Het is de enige fictiefilm die ik van hem ken. Een jonge vrouw komt op een tropische en landelijke plaats aan na een lange reis. Ze bezoekt haar broer die in een ruimte woont die eigenlijk veel weg heeft van een New Yorks kunstenaarsloft. De broer houdt zich stug aan zijn eigen bezigheden en zijn eigene ritme. Hij lijkt zijn zus en haar boodschap, een boodschap over hun vader in Amerika, te negeren. De wanden zijn gevuld met een soort kunst die je onder de palmbomen niet zou verwachten en de ruimte vult zich met een schurende soort moderne muziek die al helemaal van een andere wereld lijkt te zijn. Birdy is een intrigerend filmpje dat zijn geheim niet helemaal prijs geeft. Ik zou het nog eens moeten zien.

Rotterdam zou drie korte films van hem vertonen. Samen goed voor een programma van meer dan een uur. Even Dogs Have Choices is een documentaire met een geheel andere toon en bemadering dan Birdy. Het speelt zich op een haast wellustige manier af aan de zelfkant van Singapore. Plaats van handeling is de  tattoo shop Soul Assasins in de rosse buurt. Zai volgt X'Ho, een locale rockster. Het materiaal schijnt aanvankelijk bedoeld te zijn om te gebruiken in een theaterperformance. De shop is vol met zwaar getatoeëerde vreemde vogels die door de aanwezigheid van de camera nog uitbundiger worden dan ze wellicht al waren. X'Ho speelt zijn rol met verve. Al van top tot teen onder de tattoo's stelt hij voor een tekst te laten zetten op zijn penis. De tatoeëerder vetrekt geen spier en gaat geconcentreerd aan het werk en Zai laat geen camerastandpunt onbenut om de versiering van het geslacht van de Singaporese rockster vol in beeld te brengen. Even Dogs Have Choices heeft nog het meest van een adult MTV documentaire. Alleen ligt de muziek minder gemakkelijk in het gehoor en is de baldadigheid minder braaf en gespeeld.

Mijn lievelingsfilm van Zai Kuning, de een half uur durende semi-ethnografische documentaire Riau, is nog weer heel anders dan Birdy en Even Dogs Have Choices. Om een eigen herkenbare stijl lijkt Zai zich niet te bekommeren. Riau komt ook voort uit een theaterproject. Als artist in residence leefde hij maanden onder primitieve omstandigheden buiten Singapore. Zai was gefascineerd door het oude nomadenvolk van de Orang Laut. Deze zogenaamde zee-zigeuners trekken met hun boten langs de eilanden tussen Maleisië (en dus ook Singapore) en Indonesië (Riau op Sumatra). Ze volgen in een zich jaarlijks herhalende route de bewegingen van de seizoenen. Nog geen twee uur met een ferry vanaf Singapore vindt Zai een totaal andere primitieve wereld waarin hij zich volledig onderdompelt. Hij vindt op het eiland Dendum een gezin dat hem als het ware adopteert. Als ruil bouwt hij een gasthuis bij hun woning. Dan wacht hij maanden op de komst van de Orang Laut.

Zai filmt het leven aan de kust en op zee met een geduldige camera. De rauwheid van Even Dogs Have Choices heeft plaats gemaakt voor een soms adembenemende schoonheid. Als het beeld te mooi dreigt te worden laat Zai het geluid weg. En soms is er fraaie moderne en bewust niet passende muziek. Het is niet altijd even makkelijk om het aan te wijzen, maar deze fraaie documentaire over een verdwijnend nomadenvolk heeft niets met National Geografic te maken. Zai zwijgt en ondergaat zelfs meer dan hij kijkt.
Misschien moet ik het volgend jaar met Zai gewoon opnieuw proberen.

Dit stukje is het laatste van deze serie over de ontluikende nieuwe cinema van Zuidoost Azië. Voor de volgende reeks zal de reis naar een heel ander continent voeren: dat van vervoering en wanhoop. Over drugs en cinema. White Light. White Heat.