Jonge honden & autodidacten: de Afrikaanse cinema.   

Afrika: dertig miljoen km2, achthonderd miljoen inwoners, vijftig landen. Om de films die uit Afrika komen te vangen onder één noemer, lijkt dan ook op zijn minst ongenuanceerd. De Afrikaanse cinema. Bestaat die eigenlijk wel? En wat vinden Afrikaanse filmmakers ervan?    

Omelga Mthiyane is een jonge Zuid-Afrikaan op het festival met Thank You Mama. Autodidact Mustapha Alassane uit Niger heeft zijn sporen in de cinema ruimschoots verdiend. Dat werd drie jaar geleden nog eens werd onderstreept met de uitreiking van de Légion d'Honneur tijdens het filmfestival in Cannes. En Francisco Cafua (Balas e Pistolas) en Henrique Narciso 'Dito' (A guerra do Ku-Duro) zijn eigenzinnige jonge makers uit het nog tamelijk onontgonnen filmland Angola. In een interview dat de pluriformiteit van het continent benadrukt (want in het Engels, Frans én Portugees) praten ze over Afrika en cinema.

Magie
Op de vraag of er een Afrikaanse cinema bestaat, reageert Alassane aanvankelijk verontwaardigd: 'Er worden al heel lang films gemaakt in Afrika. Natuurlijk bestaat er cinema in Afrika.' In tweede instantie, als hem duidelijk wordt dat het gaat om het vinden van een grote gemeenschappelijke noemer, schudt hij het hoofd: 'Afrika is heel groot.' Hij krijgt bijval van Mthiyane. 'Zo veel landen als er zijn, zo veel verschillen. Elk land heeft zijn eigen taal, zijn eigen geschiedenis, zijn eigen soort film. En dan is er nog de invloed van de Europese en Amerikaanse films.'
Volgens Cafu is het heel logisch dat er geen gemeenschappelijke deler is. 'Hoe moeten Afrikanen elkaar vinden?' Mthiyane: 'Klopt. Iedereen leeft in zijn eigen land. Er zijn nauwelijks filmfestivals waar we elkaar kunnen ontmoeten. Het Sitenghi Film Festival in Kaapstad heeft net de poorten gesloten. Daarmee is een gezamenlijk platform verloren gegaan.'
Cafu: 'Aan ons wordt altijd gevraagd naar de Afrikaanse cinema. Maar wij maken Angolese films. Niet per se omdat we dat zo graag willen. In principe willen we niet eens exclusief voor Afrikanen filmen maar juist de grens over, de wereld in.'
Dito: 'Ik denk wél dat er zoiets als Afrikaanse cinema bestaat. We maken allemaal films die zijn gebaseerd op onze situatie. Tachtig procent van de films die in Afrika wordt gemaakt gaan over onze eigen tradities: over huwelijken en magie. Dat is de Afrikaanse realiteit. Al is die niet overal dezelfde.'

Autodidact
De grootste filmindustrie op het continent en zelfs omvangrijker in productie dan Hollywood, is de Nigeriaanse. In Nigeria wordt ook het merendeel van de nog geen twintig filmfestivals gehouden die het Afrika ten zuiden van de Sahara rijk is.
Dito: 'Ik houd erg van de Nigeriaanse cinema. Ze hebben een eigen manier van verhalen vertellen. Dat levert ze vaak kritiek op, maar je kunt er niet omheen dat het een van de grootste filmindustrieen ter wereld is.' Dito: 'Het mooie aan de cinema in Nigera is dat de makers allemaal autodidact zijn. Maar er is een soort strijd tussen de oude en jonge filmmakers. De oude filmmakers zijn niet meer populair bij het publiek. Dat geeeft de voorkeur aan nieuwe, snelle cinema. In Angola ontvangt de oude garde wel nog steeds geld voor nieuwe films. Films waar niemand naar toe gaat en waar niemand over praat. Daardoor ontstaat een scheiding, terwijl ouderen en jongeren juist samen zouden moeten werken. Ze kunnen van elkaar leren.'
Alassane: 'Ik vind het de normaalste zaak van de wereld dat een jong publiek naar films gaat dat is gemaakt door jonge makers. Daarmee kunnen ze zich identificeren. Jonge regisseurs  zijn ook helemaal op de hoogte van alle nieuwe technieken. De oude filmmakers zijn gewend aan de klassieke manier van film maken. Met een producent, een regisseur, een postproductie-periode, een distributeur. Er is een grote revolutie gaande. Jonge makers werken met licht materiaal en lage budgetten, en gebruiken actuele onderwerpen. Oudere filmmakers hebben eigenlijk de taak om voorwaarden te scheppen voor jonge filmmakers.'

Filmmaffia
Inmiddels wordt dankzij de digitalisering in heel Afrika veel gefilmd. Zuid-Afrika is een belangrijk opkomend filmland, waar jonge makers juist door de overheid actief worden gesteund.
Mthiyane: 'In Zuid-Afrika is de cinema nog relatief nieuw. Ik ben zelf ontdekt via Project Ten, in het kader van tien jaar democratie. Jonge filmmakers werden uitgenodigd documentaires te maken naar aanleiding daarvan. De staatsomroep speelt een actieve rol bij het verstrekken van opdrachten voor drama en documentaire. De situatie kan natuurlijk beter, maar er is duidelijk vooruitgang.'
Dito: 'In Angola krijgt alleen de oudere generatie geld. Die regisseurs doen gemiddeld zes jaar over het maken van een film. In die tijd maken wij er drie! We zijn onze eigen producent, zoeken sponsors,  regelen onze eigen screenings en verkopen onze eigen dvd's. Met dat geld betalen we vervolgens de preproductie van ons volgende project. Op deze manier komen er elk jaar zeven tot acht films uit in Angola. Films die iedereen wil zien.'
Cafu: 'Distributie is ons grootste probleem. Er zijn wel bioscopen, maar die zijn in particulier beheer en dus heel duur om te huren. We  zoeken we naar andere manieren, maar feitelijk hebben we, door de oorlog, op dit moment geen functionerende filmindustrie.'
Alassane: 'In Niger is het ook niet gemakkelijk. We hebben te maken met een soort filmmafia, die vertoning en distributie van films tegenhoudt. Een Nederlandse film heb ik bijvoorbeeld nog nooit bij ons voorbij zien komen.'

Vertoning
Piraterij is een ander groot probleem van alle Afrikaanse filmmakers. Maar de geinterviewden zien daar ook positieve kanten in. Dito: 'Het heeft mij in elk geval veel naamsbekendheid opgeleverd. Dankzij de piraterij worden illegale kopieën van mijn films op veel plekken verspreid. Toen mijn tweede film  in premiere ging  hadden heel veel mensen mijn eerste film illegaal al gezien. Daarom waren ze ook benieuwd naar mijn nieuwste. Het is maakt het wel lastig om je eigen dvd's nog aan de man te brengen. Vijftien uur na de premiere van je film liggen de dvd's ervan alweer op straat.'
Cafu: 'Mijn film was kort na uitbreng zelfs in Portugal te koop. De corrupte politie steekt geen vinger uit.'
Mthiyane: 'Zuid-Afrika heeft geen zijn er niet echt wetten ter bescherming van filmmakers. Soms zijn films al te koop voor ze in de bioscoop te zien zijn. Je moet zodra je film officieel wordt uitgebracht zelf zoveel mogelijk dvd's verkopen. Het positieve is natuurlijk wel dat films die normaal de bioscoop niet halen, dus ook de betere Afrikaanse film, nu ook door hen gezien worden. Dat geeft hoop voor de toekomst.'

Afrikaanse Cinema op IFFR
Bekijk hier een overzicht van alle voorstellingen in Where is Africa.