Sai’s tweede film over Okinawa is sexy en even grappig als triest. Een maagdelijke jongen reist met drie hoeren naar een eilandje om de daar aangespoelde en inmiddels door de zon gebleekte beenderen op te halen van zijn vader, die hij nooit heeft gekend.
Sai’s tweede film over Okinawa speelt zich grotendeels af op het eilandje Maja-jima. De maagdelijke 19-jarige Shokichi komt de daar aangespoelde en inmiddels door de zon gebleekte beenderen van zijn vader Shoji ophalen, die hij nooit heeft gekend. Shokichi wordt vergezeld door drie hoeren die het als een vakantiereisje zien - tot ze allemaal worden geveld door voedselvergiftiging, waarschijnlijk als gevolg van het eten van bedorven varkenslever. Varkens spelen in dit verhaal een al even grote rol als in de mythologie van Okinawa, waarin zij het vermogen hebben om de zielen van mensen te stelen. Zonder te hameren op politieke aspecten, duikt Sai opgewekt op alles wat cultuur van Okinawa kenmerkend en uniek maakt. Shokichi’s éducation sentimentale blijkt meer te gaan over het ontdekken van zijn afstamming dan over seksuele inwijding. De film is even sexy en grappig als triest.