Dertig jaar geleden maakte Chris Petit Radio On, dat nu wordt beschouwd als een klassieker in het genre van de roadmovie. Zijn nieuwste film Content is een ambiënte 21e-eeuwse roadmovie, een associatief filmessay dat eerder is gebaseerd op de trance-achtige toestand van autorijden dan op de lineaire ontwikkeling van de weg van begin naar eind.
Dertig jaar geleden maakte Chris Petit Radio On, dat nu wordt beschouwd als een klassieker in het genre van de roadmovie. Zijn nieuwste film Content is een ambiënte 21e-eeuwse roadmovie, een associatief filmessay dat eerder is gebaseerd op de trance-achtige toestand van autorijden dan op de lineaire ontwikkeling van de weg van begin naar eind.
Het is een film over het leven in de achteruitkijkspiegel, herinneringen aan eerdere reizen (van Polen naar Texas), moderne technologie (de YouTube-generatie, verleiding per e-mail), het tijdperk van de container en wat Pokemonkaartjes te maken hebben met het nieuwe landschap van de grote schuren. Het gaat over de kruispunten in het leven, het doorkruisen van de vlakten van de latere middelbare leeftijd, over vaders en zonen en over opgroeien tijdens de Koude Oorlog, over volkerenmoord en politieke moord en over de naoorlogse landschappen van Europa en de VS en over hoe het leven er nu uitziet, gezien door de ogen van een zesjarig jochie op de achterbank.
PROGRAMMER NOTES
[Wat volgt is een e-mail interview van programmeur Erwin Houtenbrink met regisseur Chris Petit, begin januari 2010, ]
Waarom gebruikt u een acteur (Hanns Zischler) voor uw eigen observaties en opmerkingen in uw film als voice-over? Waarom deze verdubbeling?
De tekst van Zischler werd niet door mij geschreven, maar door de schrijver Ian Penman, simpelweg omdat ik niet wilde dat de film alleen maar uit mijn eigen observaties zou bestaan. Hoewel het ‘een film in de eerste persoon’ is, was ik niet geïnteresseerd in een film die uitsluitend over ‘mij’ zou gaan --- vandaar de aanwezigheid van Zischler en YouTube. Ik zag mezelf meer als vertegenwoordiger van een generatie dan dat ik alleen aan mezelf dacht.
Ik wilde opvattingen van een poëtisch-filosofische aard over de nieuwe technologie. Het viel me op dat de Franse denkers, van wie sommigen in de film worden genoemd, nauwelijks het belang van de virtuele ruimte, en e-mail in termen van haar verdrongen erotiek, hebben onderkend; dus vroeg ik Ian Penman, wiens begrip van dit onderwerp veel groter is dan dat van mij, om een bespiegeling op de emotionele tegenstellingen die door deze nieuwe technologie worden voortgebracht. Geheel conform de geest van de film was de correspondentie tussen ons volledig elektronisch en hebben we elkaar nooit ontmoet. Datzelfde geldt voor Antye Greie’s muziek --- alles is elektronisch gedaan.
Ik wilde ook dat iets de gespleten aard van mijn eigen carrière vertegenwoordigde, verdeeld tussen schrijven en filmmaken: claustrofobie versus pleinvrees. Vandaar het contrast tussen autorijden en schrijven (of herschrijven).
Is de titel van de film op een of andere manier cynisch bedoeld? Aangezien ‘content’ het woord is dat het centrale aspect van kunstenaars definieert, terwijl het tegenwoordig door gladde zakenlui en reclamemensen gebruikt wordt om iets te beschrijven dat ondergeschikt is aan al het andere: namelijk ontwerp, verpakking, formats, verkoop.
Nee, dat is het niet, maar ik ben wel cynisch over de meeste hedendaagse kunst, die zich kenmerkt door een afwezigheid van inhoud. Er is ook een bredere crisis gaande, die te maken heeft met de dood van inhoud: vandaar onze titel. Deze crisis is voor een deel het resultaat van de algemene versnelling van het leeftempo als gevolg van nieuwe technologie. Het meest duidelijke voorbeeld hiervan is de algemene klacht over ‘dumbing down’.
Wat zou u erger vinden: dat mensen de hele tijd sms-en en hun mobiel checken in een filmvoorstelling van Content, of die van Avatar?
Een ander aspect van leven in een steeds sneller wordende wereld is het steeds korter worden van de aandachtsboog, en steeds minder privéruimtes waar je hieraan kunt ontkomen, waaronder bioscopen. Ik vind persoonlijk dat mensen die in mijn aanwezigheid sms-en aanstootgevender dan mensen die roken. Dus, laat ze roken bij Content en sms-en bij Avatar.
Wordt wanneer iemand ouder wordt, de vaak uitgesproken gedachte van de ‘dood van de cinema’ meer, of minder belangrijk? En hoe verhouden begrippen als ironie, berusting en gereserveerdheid zich hiertoe?
Het doet er niet toe, of beter gezegd het is een terugkerend stijlmiddel, net zoals die over de dood van de roman. Het is een redactioneel argument. Een paradigmaverschuiving heeft plaatsgevonden met de komst van non-lineaire technologie, en bepaalde filmvormen zijn toch al in verval (de Europese ‘arthouse’ film). In de context van Engelse televisie zijn bijvoorbeeld filmprogramma’s min of meer in onbruik geraakt, net zoals de vertoning van ondertitelde films. Ik vermoed dat de Chinezen nog steeds veel te melden hebben over cinema, en India, maar de Engelsen niet.
Ironie is overgewaardeerd. Berusting is niet echt aan de orde; met de nieuwe technieken is er geen excuus meer om de film niet te maken, zelfs al is het alleen maar voor YouTube gemaakt. Ik ben inderdaad schuldig aan gereserveerdheid omdat ik nooit bij de Engelse cinema heb gehoord, en mezelf er ook nooit onderdeel van heb gevoeld. Als er al een probleem is, dan is het het gevoel dat alles tot vervelens toe gefotografeerd en gefilmd is: een beeldenoverschot, enorme elektromagnetische sloppenwijken, totale overvoering. Ik begin nieuwsgierig te worden naar antifestivals: niet-kunst en niet-vieringen in niet-ruimtes, met niet-lezingen, niet-projecties en niet-verschijningen, zeker aangezien het tegenwoordig niet meer strikt noodzakelijk is om dat gezien of gelezen te hebben waarnaar je verwijst, alleen de verwijzing zelf doet ertoe. Producten hebben inhoud verdrongen, en iedereen cultiveert ‘ketens’ in plaats van een oeuvre.
Beschouwt u uw oeuvre als een reeks onderscheiden eenheden, of ziet u het liever als een doorlopend reisverslag van thema’s en ideeën, beelden en geluiden?
Ik schreef een roman, Robinson (1993), waarin de uitdaging bestond uit het idee en het falen om een eenheid te creëren vanuit talloze verschillende bronnen, en de zoektocht naar die ene, perfecte montage die alle overige begrijpelijk zou maken.
De meeste schrijvers schrijven steeds opnieuw dezelfde roman, net zoals tennisspelers telkens dezelfde slag herhalen. Mijn werk heeft de neiging te improviseren op bepaalde thema’s, en ik heb af en toe eerdere plekken opnieuw bezocht. Radio On (1979) resulteerde in radio on (remix) (1998) en Content kan beschouwd worden als een informeel slotakkoord van Radio On: een ambient roadmovie uit de 21ste eeuw. Radio On eindigde met een auto die was “blijven steken aan de rand van de toekomst”, waarvan we toen nog niet wisten dat dit het Thatcherisme zou worden. Die historische tijdsspanne eindigde in 2008 met de financiële crisis. Content werd zowel beïnvloed door die geschiedenis als door de enorme technologische veranderingen die in de tussentijd hebben plaatsgevonden. Radio On werd gemaakt aan het einde van een periode, en het maakproces ervan zou nog steeds herkenbaar zijn voor de vroegere filmmakers, terwijl de hedendaagse methoden hun pet te boven zou gaan.
In 1979 was de wereld nog steeds lineair en werden plots bepaald door elementen als mensen die elkaar ontmoeten. Als iemand in 2009 een film maakt lijkt het me niet meer nodig dat plots lineair worden opgebouwd --- de reis kan overal naartoe gaan --- en in de virtuele wereld was het niet langer nodig anderen te ontmoeten. Het werd met de ontwikk