Sai’s doorbraakfilm schildert een tragikomisch fresco van het leven van Aziatische immigranten in Tokio: de afzetterijen en valkuilen, het subtiele Japanse racisme, de voortdurende dreiging van deportatie. In deze eerste echt ‘vuige’ film over immigranten-arbeiders in Japan onderzoekt Sai de duistere kant van de Japanse voorkomendheid.
Sai’s doorbraakfilm werd door recensenten in het blad Kinema Junpo uitgeroepen tot Beste Japanse Film van 1993. Het is een tragikomisch fresco van het leven van Aziatische immigranten in Tokio: de afzetterijen en valkuilen, het subtiele Japanse racisme, de voortdurende dreiging van deportatie. De goedmoedige Koreaans-Japanse taxichauffeur Chung Nam (Kishitani Goro) laat het alledaagse racisme van zijn collega's en klanten van zich afglijden. Het enige wat hem beweegt is zijn hartstocht voor de Filippijnse Connie (Rita Moreno) die als barmeisje in het ‘café’ van zijn moeder werkt. Connie heeft echter haar eigen ambities, moeder ziet hem liever met een Koreaanse en dan gaat Chungs Koreaanse en snel op de maatschappelijke ladder stijgende baas ook nog failliet... Nooit eerder had een film zich zo onverbloemd beziggehouden met immigranten-arbeiders in Japan, tot en met woorden en uitdrukkingen die nog nooit in een Japanse film te horen waren. Sai richt een zoeklicht op de duistere kant van de Japanse voorkomendheid.