Het werd tijd voor een realistisch relatiedrama, vond de Britse regisseur Andrew Haigh - én voor een goede gay film. Dus maakte hij het veelgeprezen Weekend, over een verhouding die begint als een nachtelijk avontuurtje maar onverwacht meer diepgang krijgt.
Aan het eind van een drankovergoten stapavond neemt Russell een jongen mee naar huis, Glen. De volgende dag blijkt er tussen de twee meer te bestaan dan alleen erotische aantrekkingskracht. Ze brengen het weekend met elkaar door, maar weten ook dat het niet voort kan duren: Glen staat immers op het punt te vertrekken naar de Verenigde Staten, waar hij minstens twee jaar wil blijven."Ik zie weinig films die het leven weergeven zoals ik het zie, zeker als het over homoseksuele relaties gaat," verklaart regisseur Andrew Haigh. "Ik wilde een film maken over hoe het nu is om homoseksueel te zijn, maar in de context van een relatie. En het moest, eerlijk gezegd, ook een film zijn die niet veel zou kosten."
Na een hausse aan gay & lesbian-films in de jaren tachtig en het begin van de jaren negentig is de stroom een beetje opgedroogd, constateert Haigh. "Ik denk dat het vooral met geld te maken heeft. Producenten zijn bang dat zulke films weinig opleveren. Je had natuurlijk wel
Brokeback Mountain, maar die was van een andere orde. Daar werkten beroemde mensen aan mee, die overigens allemaal hetero waren - inclusief regisseur ook. Daar konden hetero’s dus met een gerust hart naar toe."
Weekend is de tweede film van Haigh, die ook titels als Gladiator en Black Hawk Down op zijn cv heeft staan. Daarbij was hij als assistent editor betrokken. Op de vraag wat die ervaring hem heeft geleerd, zegt hij: "Vooral hoe belachelijk films maken kan zijn. Met van die enorme decors, vijftien camera's erbij. Er wordt veel materiaal gedraaid en emoties brengt men er vooral tijdens de montage in. Er zijn dialoogscènes waarbij de ene acteur zijn tekst doet terwijl de ander alweer op zijn hotelkamer zit. Het slaat eigenlijk nergens op. Mijn films zijn eigenlijk vooral een reactie op het meewerken aan die films."
Het - bescheiden - succes van Weekend, die het goed deed op filmfestivals en in de Verenigde Staten in de bioscopen te zien is, heeft zijn status veranderd, merkt Haigh. "Ik krijg meer aanbiedingen. Wel vooral uit de VS trouwens. In Groot-Brittannië zijn regisseurs als Lynne Ramsay, Steve McQueen en Andrea Arnold de sterren. Voor anderen is nauwelijks ruimte. Een verschil met Amerika is ook dat je daar een netwerk hebt van lowbudgetfilmmakers die elkaar helpen, terwijl dat bij ons niet bestaat. Dat komt denk ik doordat iedereen vecht om het geld dat het Britse filmfonds tot zijn beschikking heeft. De concurrentie is moordend."
Eén van de dingen die Weekend zo de moeite waard maken, is dat de twee hoofdpersonages bijzonder levensecht overkomen. Tijdens een Q&A op het IFFR betrapte Haigh zich er deze week op dat hij over de personages praatte alsof het echte mensen zijn. "Als ik de acteurs weer zie, vergeet ik ook telkens heel even dat ze niet Russell en Glen zijn, maar Tom Cullen en Chris New. Ik geef om de personages die ik schrijf, wil dat ze gelukkig zijn, dat ze krijgen wat ze willen. Ik heb ook veel nagedacht over wat ze hebben meegemaakt voor de film begint: hoe hun ouders waren, hun familie, hun vrienden op school."
Van het publiek krijgt Haigh vaak de vraag hoe het verhaal van de twee verdergaat na het eind van de film. "Dat wil het publiek graag weten. Maar het verhaal gaat niet verder. De film is afgelopen, klaar."
Weekend - Andrew Haigh
Vr 03 19:15 LV 1
Door: Sietse Meijer