Dit jaar krijgt Rotterdam bezoek van familie
van David Cronenberg. Want zo ziet Carol
Spier, Cronenbergs vaste production
designer, zichzelf na een lange en vruchtbare
samenwerking met de regisseur. Van
de groezelige horror van The Brood tot
de verwrongen realiteit in de klassiekers
Videodrome en Existenz – het komt allemaal
uit Spiers koker.
"Wij zien overal filmdecors," zegt production
designer Carol Spier (Canada, 1948) over haar
beroepsgroep. Spier kan het weten: ze heeft tientallen
producties op haar naam staan, waarvan die met
David Cronenberg het meest opvallen. De looks van
onder meer Existenz, Scanners en Videodrome werden
onder Spiers supervisie vormgegeven en uitgevoerd.
"Production designers staan erom bekend dat ze
wildenthousiast kunnen raken over een bepaalde
kleur of een ingestorte muur," zegt ze over de
telefoon vanuit haar huis in Ontario, Canada. "Ik heb
collega’s die bezeten zijn van structuren en die lijstjes
bijhouden van soorten steen, hout, enzovoort."
U bent opgeleid als interieurontwerper. Hoe
kwam u bij de film terecht?
"Na mijn afstuderen
werkte ik bij een ontwerpbureau dat universiteitsterreinen
inrichtte. Ik had ook een bijbaantje in een
theater en daar werd ik echt door gegrepen – het
kunstmatige ervan, het tijdelijk kunnen verdwijnen in
een andere wereld. Ik ontwierp decors en kostuums,
eerst voor amateurgezelschappen, later voor professionals.
Bij toneel hangt, net als bij film, alles af van
de wensen van de regisseur. Als die een klassiek
stuk klassiek aan wil kleden, is het je taak om zoveel
mogelijk historische stukken bij elkaar te zoeken
of na te maken. Soms wijk je daar noodgedwongen
vanaf, omdat de acteurs niet met bepaalde attributen
uit de voeten kunnen bijvoorbeeld, of omdat het geld
op is. En dan zijn er altijd kenners die je fijntjes op
vermeende vergissingen wijzen. Via mijn toneelwerk
leerde ik mensen uit de filmwereld kennen, en zo
raakte ik betrokken bij een low budget Canadese
productie, in 1975. Drie jaar later werd ik gebeld door
een producent die in Alberta, West-Canada bezig was
met Fast Company van ene David Cronenberg, een
opkomende Canadese regisseur. Ik had geen films
van hem gezien, maar wel over hem gelezen; ik was
geïntrigeerd en vertrok meteen naar de set. David
en ik konden goed met elkaar opschieten en werkten
prettig samen. Na Fast Company vroeg hij me voor een
volgend project, en zo ging het verder. David omringt
zich het liefst met mensen die hij goed kent."
Hoe zou u uw relatie met Conenberg nu, twintig
films verder, typeren?
"We zijn een beetje familie
geworden. We respecteren elkaar en kennen elkaars
smaak. Ruzie hebben we nog nooit gehad – David
maakt überhaupt geen ruzie en ik ook niet. Hij heeft
weleens een idee van mij afgekeurd, en dat begreep
ik dan eerst niet, maar meestal zag ik later in dat hij
gelijk had. Andersom heb ik hem ook wel kunnen
overtuigen, door dingen subtiel, zonder drammen,
aan hem voor te stellen. Ik ben er in de eerste plaats
om Davids ideeën te visualiseren. Zijn scripts zijn zo
goed geschreven dat ze voor zichzelf spreken. Ik lees
ze, breek ze in stukken en ga op zoek naar locaties. Wat
echt niet te vinden is, bouwen we zelf. Voor Eastern
Promises hadden we een steam room nodig. We hebben
er talloze bezocht, maar ze waren niet geschikt om
in te filmen omdat een echte steam room permanent
vol stoom staat. Toen hebben we er een nagebouwd.
David werkt niet met storyboards; hij wil zich tijdens
de opnames volledig op zijn acteurs kunnen richten en
ruimte voor improvisatie laten. Voor mij en mijn team
betekent dit dat de sets helemaal af moeten zijn; we
kunnen niet in aparte shots denken.
Tijdens de opnames van A History of Violence
bedacht actrice Maria Bello om over te geven tijdens
een scène in een ziekenhuiskamer. Ze opende een
deur in de vooronderstelling dat daar een wasbak
achter zou zitten, maar er zat een geluidsman. Toen
hadden we precies een uur om een echte badkamer
bij elkaar te zoeken."
Een andere regisseur waar u vaker mee samenwerkt
is Guillermo del Toro.
"Voor de opnames van
Mimic kwam hij naar Toronto, en toen raakten we in
gesprek. Ik ben geen Hollywood-netwerker, ik heb er
wel een agent maar ik ben veel liever in Canada. Del
Toro had allemaal fantastische ideeën en ik vond hem
heel aardig, maar had me net aan een andere productie
gecommitteerd – een bigbudgetactiefilm waarvoor
onder andere een replica van het Witte Huis nodig
was. Tsja. De keuze was snel gemaakt."
Waar geeft u de voorkeur aan: vanuit de
realiteit ontwerpen of vanuit de fantasie?
"Het
herscheppen van de echte wereld is soms moeilijk – je
moet de realiteit vaak een beetje aanpassen, een draai
geven om het te laten kloppen met de scène, de acteur
en de hele look van de film. Dat is een uitdaging.
Maar uiteindelijk vind ik fantasiewerelden boeiender
en stimulerender, op dat soort sets heb je meer
vrijheid. Verlaten metrostations, duistere, groezelige
plaatsen – daar ligt mijn hart."
Kijkt u, omdat u production designer bent,
anders naar gewone, alledaagse plekken zoals
een wachtkamer, een parkeerplaats of een
Chinees restaurant?
"Als production designer
heb je een onverzadigbare behoefte aan stimuli,
aan nieuwe ideeën. Die krijg je zowel van mooi
ontworpen gebouwen en interieurs als van vervallen
of lelijke dingen."
Wat blijft er over van de sets die u ontwerpt?
"Het meeste wordt vernietigd, jammer genoeg.
Sommige props worden bewaard door de studio of
door iemand van de crew. Na afloop van de opnames
kunnen crewleden alles vaak voor de halve prijs of
nog minder meenemen. Ik heb zelf een paar kleine
dingen bewaard, als aandenken. Een telepod van The
Fly (1986) doneerde ik aan een filminstituut."
Uw partner, James McAteer, was de production
designer van Cronenbergs laatste film, A
Dangerous Method, die op het IFFR vertoond
wordt. Was het moeilijk om u niet met hun
samenwerking te bemoeien?
"Met Davids films
weet je tot het laatste moment niet of ze gemaakt
zullen worden – het is elke keer ingewikkeld om het
budget rond te krijgen, want ze zijn duur en geen
Hollywood mainstream. Ik doe er dus een heleboel
naast, tot en met Sesamstraatfilms aan toe. Bij A
Dangerous Method zat ik al diep in het voorbereidende
werk: in het jaar voor de opnamen was ik bezig
met budgetteren en scoutte ik locaties, samen met
David. Ik had ook al een paar settekeningen gemaakt.
Doordat de opnames van een film waar ik bij betrokken
was uitliepen, moest ik het werk neerleggen. James
had samen met mij aan andere Cronenberg-films
gewerkt, en we hebben dezelfde smaak in design.
Daarom heb ik David voorgesteld om James de klus te
laten afmaken. Het was inderdaad best moeilijk om me
terug te trekken uit een project waar ik veel zin in had,
maar op deze manier hielden we het wel in de familie."